In het Programma Westerkwartier Natuurinclusief is gewerkt aan het natuurinclusiever maken van de melkveehouderijbedrijven. Daar hoort ook het omliggende landschap in het Westerkwartier bij. Van de circa 300 agrarische bedrijven in het Westerkwartier zijn 250 (melk)veebedrijven. In dit programma wordt samengewerkt door het ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit, de provincie Groningen, gemeente Westerkwartier, waterschap Noorderzijlvest, Collectief Groningen West, Land- en Tuinbouw Organisatie (LTO) Noord, Staatsbosbeheer en het Groninger Landschap.

Evaluatie na drie jaar

In het document wordt het programma geëvalueerd, nu het bijna drie jaar loopt. Het document beschrijft het proces en de resultaten van de verschillende projecten en of de doelen behaald zijn. Een belangrijk doel van het programma was om overheden, agrariërs en beheerorganisaties te inspireren verder te gaan met een meer natuurinclusieve aanpak. 

Programma liep van februari 2021 tot 31 december 2023

Het Programma Westerkwartier Natuurinclusief is in februari 2021 in uitvoering gegaan, na een intensieve kwartiermakerfase. In die eerste fase hebben de betrokken organisaties nagedacht over het doel van het programma. Het programma liep af op 31 december 2023, na twee keer verlengd te zijn.

In het programma is gewerkt aan vertrouwen en verbinding

Gedurende het programma is gewerkt aan gewerkt aan vertrouwen en verbinding tussen partijen én met boeren. Melkveehouders en de organisaties hebben waardevolle inzichten opgedaan over de toekomst van de landbouw en het landschap. Verschillende boeren geven aan stappen te willen nemen, zeker als dit financieel in hun bedrijf past. Het gaat daarbij om dingen als een hogere prijs voor producten en vermindering van de grondlasten. Hier is extra beleid vanuit de overheid voor nodig. Maar ook de keten en consument spelen hierin een belangrijke rol.

Samenwerkingsbasis gelegd voor de toekomst

Met het programma is de afgelopen jaren een samenwerkingsbasis gelegd. We weten elkaar te vinden als het gaat om het versterken van de biodiversiteit, het verbeteren van de ruimtelijke kwaliteiten en het ontwikkelen van nieuwe kansen voor een vitale landbouw. De resultaten en de leerpunten worden meegenomen in de grotere opgaves van het Transitie Landelijk Gebied van de provincie Groningen.