Pagina opties

Groter

De roek

  • Maatregelen in verband met het Coronavirus

    Algemene mededeling over aanpassingen in onze dienstverlening in verband met het coronavirus

  • Wat is het?

    RoekDe roek

    De roek is een beschermde vogelsoort. Dit is geregeld in de Wet natuurbescherming. De provincie Groningen is bevoegd gezag voor deze wetgeving en daarmee verantwoordelijk voor beleid, vergunningverlening en handhaving. Roekennesten en -kolonies zijn het hele jaar beschermd. Roeken kunnen enige overlast veroorzaken. Het gaat dan om geluid en soms ook om uitwerpselen. Roeken zijn in het broedseizoen echter ook nuttig. Ze voeren dan grote hoeveelheden schadelijke insecten aan hun jongen zoals rupsen en larven.

    Westerkwartier

    De roek nestelt bij voorkeur in hoge bomen in dorpskernen waar ze de jongen relatief veilig kunnen grootbrengen. Ze broeden in kolonies en laten zich moeilijk verstoren. Hun voedsel vinden ze in de dorpskernen en in aangrenzende agrarische gebieden. In onze regio neemt het aantal roeken toe. Het Westerkwartier is bij uitstek geschikt voor vestiging van de soort. Kolonies komen dan ook voor in onze hele gemeente. Het gaat hierbij om ongeveer 25 kolonies (in 2019) en ongeveer 1000 broedparen. In 2020 zijn er 32 kolonies geteld maar in totaal wel ongeveer 50 minder broedparen. Daarnaast zijn er jonge vogels die (nog) niet broeden. De gemeente Westerkwartier monitort jaarlijks de populatie en het aantal kolonies.

    Ontheffing

    Bij overlast mogen roeken niet zomaar worden verstoord. Ook het weghalen en verplaatsen van nesten is niet toegestaan. Hiervoor is een ontheffing van de Wet natuurbescherming bij de provincie Groningen nodig. De aanvraag voor een ontheffing is ingewikkeld en een kostbare aangelegenheid waarbij het uiteindelijke effect erg onzeker is.

  • Hoe werkt het?

    Roekenbeschermingsplan

    Voor de aanvraag van een ontheffing voor verstoring moet de gemeente aangeven wat zij in het kader van maatregelen en compensatie (bijvoorbeeld nieuw broedgebied) doet voor de roeken. Bij een aanvraag voor ontheffing dient de gemeente ook een ‘roekenbeschermingsplan’ bij te voegen. De gemeente heeft echter de ecologische kennis niet in huis een dergelijk ingewikkeld en theoretisch plan op te stellen. In dit plan moet de gemeente de soort uitgebreid ecologisch onderzoeken en beschrijven. Dan gaat het onder meer om aantallen, de vestigingsplaatsen, de overlast, hoe de gemeente de gunstige staat van instandhouding van de soort wil verbeteren en alternatieve broedlocaties. Dit dient de gemeente allemaal in beeld te brengen voor de provincie een ontheffing kan verlenen. Om gebruik te kunnen blijven maken van het plan, is het nodig dat de gemeente de roeken en ook de ondervonden overlast aantoonbaar in de gaten blijft houden en het plan blijft evalueren. Bij ieder nieuw ontheffingsverzoek is het nodig dat de gemeente de hele procedure, die de gemeente uitbesteedt, opnieuw uitvoert.

    Kostbaar en intensief

    Na de hierboven genoemde voorbereidende werkzaamheden, die de nodige tijd kosten, kan de gemeente een ontheffing aanvragen bij de provincie. Mocht de gemeente een ontheffing krijgen om de vogels te verstoren en de nesten te verplaatsen dan volgt de uitvoering. Deze uitvoerende werkzaamheden zijn zeer kostbaar en arbeidsintensief. Het verjagen van de roeken vindt dagelijks plaats in de maanden januari, februari en maart. Dit gebeurt door deskundigen, die bevoegd zijn met verschillende verjagingstechnieken (met roofvogel, afweerpistool en/of megafoon) te werken. Als er medio maart roeken zijn, die zich hebben gevestigd op de overlastlocatie en er eieren in de nesten liggen, moet de verstoring wettelijk gezien onmiddellijk stoppen. De provincie ziet hier ook handhavend op toe. Verstoring is dan strafbaar en wordt als misdrijf beschouwd. Gelet op de verjagingstechnieken en de strikte en gecompliceerde natuurwetgeving brengt dit een groot juridisch risico mee voor de gemeente. Roeken laten zich niet zo maar naar andere locaties verjagen. Het zijn slimme vogels die niet voor niets gekozen hebben voor de bewuste locatie. Het blijkt in de praktijk dan ook zeer lastig de roeken van overlastlocaties te verdrijven. Veelal bieden de verstoring en het verplaatsen van nesten weinig tot geen verbetering en leidt het hooguit tot verplaatsing van het probleem.